Vincent van der Heiden

1 minuut samenvatting

Bloeddruk is de druk die het bloed uitoefent op de wand van de slagaders. Deze wordt uitgedrukt als een bovendruk (systolische bloeddruk) en onderdruk (diastolische bloeddruk).

Volgens de Europese ESC-richtlijn spreken we bij een herhaald gemeten spreekkamerbloeddruk vanaf 140/90 mmHg van hypertensie. Een bloeddruk van 120–139/70–89 mmHg wordt tegenwoordig aangeduid als verhoogde bloeddruk (McEvoy et al., 2024).

Bloeddruk wordt voortdurend aangepast aan wat het lichaam nodig heeft. Het hart, de bloedvaten, nieren, het zenuwstelsel en verschillende hormonen werken hierbij nauw samen. Tijdens inspanning of acute stress kan een tijdelijke stijging bijvoorbeeld een normale fysiologische reactie zijn.

Hoge bloeddruk ontstaat meestal niet door één oorzaak. Leeftijd, erfelijke aanleg, overgewicht, voeding, beweging, alcohol, slaap en verschillende metabole processen kunnen allemaal bijdragen. Langdurig verhoogde bloeddruk vergroot het risico op onder andere hart- en vaatziekten, beroerte en nierschade.

Inleiding

Je bloeddruk verandert voortdurend. Tijdens het slapen is deze doorgaans lager, terwijl lichamelijke inspanning of acute stress de bloeddruk tijdelijk kan verhogen. Dat is normaal: het lichaam past de bloeddruk aan om organen en weefsels van voldoende zuurstof en voedingsstoffen te voorzien.

Een probleem ontstaat wanneer de bloeddruk structureel verhoogd blijft. Hoge bloeddruk, of hypertensie, is een belangrijke risicofactor voor hart- en vaatziekten. Het cardiovasculaire risico neemt daarbij geleidelijk toe naarmate de bloeddruk hoger wordt; er bestaat dus biologisch gezien geen scherpe grens waar het risico plotseling begint (McEvoy et al., 2024).

Om te begrijpen waarom hoge bloeddruk ontstaat, moeten we daarom verder kijken dan alleen het getal op de bloeddrukmeter. Hart, bloedvaten, nieren, zenuwstelsel en hormonen vormen samen een regelsysteem dat de bloeddruk voortdurend bijstuurt.

Wat is bloeddruk?

Bloeddruk is de druk die ontstaat wanneer het hart bloed door de bloedvaten pompt. De waarde wordt weergegeven in millimeter kwikdruk (mmHg) en bestaat uit twee getallen.

Bovendruk en onderdruk

De systolische bloeddruk, of bovendruk, is de hoogste druk in de slagaders wanneer het hart samentrekt en bloed wegpompt.

De diastolische bloeddruk, of onderdruk, is de laagste druk tussen twee hartslagen, wanneer het hart zich ontspant en opnieuw met bloed vult.

Een waarde van bijvoorbeeld 125/75 mmHg betekent dus een systolische bloeddruk van 125 en een diastolische bloeddruk van 75 mmHg.

Bloeddruk is dynamisch

Een bloeddrukwaarde is geen vast persoonlijk getal. De bloeddruk varieert onder invloed van onder andere beweging, houding, slaap, emoties, temperatuur en het tijdstip van de dag.

Daarom kan op basis van één afwijkende meting meestal niet worden vastgesteld dat iemand hypertensie heeft. Herhaalde metingen of metingen buiten de spreekkamer geven een betrouwbaarder beeld (McEvoy et al., 2024; NHG, 2024).

Wanneer is je bloeddruk te hoog?

Volgens de 2024 ESC-richtlijn wordt bij volwassenen onderscheid gemaakt tussen drie categorieën (McEvoy et al., 2024):

SpreekkamerbloeddrukClassificatie
< 120/70 mmHgNiet-verhoogd
120–139/70–89 mmHgVerhoogde bloeddruk
≥ 140/90 mmHgHypertensie

De grens van 140/90 mmHg geldt voor een correct uitgevoerde spreekkamermeting. Bij thuismetingen ligt de grens voor hypertensie lager: gemiddeld ≥135/85 mmHg. Voor een gemiddelde 24-uursmeting geldt ≥130/80 mmHg (McEvoy et al., 2024).

Eén hoge meting is niet voldoende

Spanning tijdens een bezoek aan de arts kan de bloeddruk tijdelijk verhogen. Dit wordt het wittejasseneffect genoemd. Het omgekeerde komt ook voor: een normale bloeddruk bij de arts terwijl deze thuis verhoogd is (gemaskeerde hypertensie).

Daarom adviseren zowel Europese als Nederlandse richtlijnen om bij verdenking op hypertensie gebruik te maken van herhaalde metingen en waar mogelijk thuismetingen of een 24-uursmeting (McEvoy et al., 2024; NHG, 2024).

Hoe wordt de bloeddruk geregeld?

Het lichaam moet de bloeddruk binnen een functioneel bereik houden: hoog genoeg om organen van bloed te voorzien, maar niet onnodig hoog. Hiervoor werken verschillende regelsystemen voortdurend samen.

Het hart

De hoeveelheid bloed die het hart per minuut rondpompt — het hartminuutvolume — beïnvloedt de bloeddruk. Dit wordt bepaald door de hartslag en de hoeveelheid bloed die per hartslag wordt uitgepompt.

De bloedvaten

Ook de diameter van vooral de kleinere slagaders is belangrijk. Wanneer bloedvaten vernauwen, neemt de vaatweerstand toe en kan de bloeddruk stijgen. Bij vaatverwijding gebeurt het tegenovergestelde.

De vaatwand is daarbij zelf actief. Het endotheel, de binnenbekleding van de bloedvaten, produceert onder andere stikstofmonoxide (NO), dat bijdraagt aan vaatverwijding.

Lees ook: Het endotheel: waarom een gezonde vaatwand zo belangrijk is

De nieren en hormonen

De nieren regelen hoeveel natrium en water het lichaam vasthoudt of uitscheidt en beïnvloeden daarmee het bloedvolume. Ook het renine-angiotensine-aldosteronsysteem (RAAS) speelt hierin een belangrijke rol. Activatie hiervan kan onder andere leiden tot vaatvernauwing en het vasthouden van natrium en water (McEvoy et al., 2024).

Het zenuwstelsel

Het autonome zenuwstelsel kan de bloeddruk snel aanpassen. Activatie van het sympathische zenuwstelsel verhoogt bijvoorbeeld de hartslag en kan bloedvaten vernauwen. Dat is tijdens inspanning of acute stress een normale aanpassing.

Hoge bloeddruk ontstaat dus niet uitsluitend doordat de bloedvaten 'te strak' staan. Het is het resultaat van de interactie tussen hart, bloedvaten, nieren, zenuwstelsel en hormonale regulatie. Juist die samenhang wordt belangrijk wanneer we in het volgende hoofdstuk kijken naar waarom hypertensie kan ontstaan.

Lees ook: Aderverkalking: meer dan een hoog cholesterol

Waar wordt je bloeddruk door bepaald?

Waarom ontstaat hoge bloeddruk?

Bij de meeste mensen met hypertensie is geen afzonderlijke oorzaak aan te wijzen. Dit wordt primaire of essentiële hypertensie genoemd. De bloeddruk stijgt geleidelijk door een samenspel van genetische aanleg, leeftijd, leefstijl en veranderingen in de regulatie door bloedvaten, nieren, zenuwstelsel en hormonen (McEvoy et al., 2024).

Veranderingen in de bloedvaten

Wanneer kleine slagaders langdurig meer weerstand bieden, moet het hart een hogere druk opbouwen om het bloed rond te pompen. Met het ouder worden kunnen grotere slagaders bovendien stijver worden, waardoor vooral de systolische bloeddruk stijgt.

Ook het endotheel speelt hierbij een rol. Een verminderde beschikbaarheid van vaatverwijdende stoffen zoals stikstofmonoxide (NO) kan bijdragen aan een verhoogde vaattonus.

Lees ook: Het endotheel: waarom een gezonde vaatwand zo belangrijk is

Nieren en hormonale regulatie

De nieren hebben een centrale rol in de langetermijnregulatie van de bloeddruk. Zij bepalen mede hoeveel natrium en water wordt uitgescheiden. Veranderingen in deze regulatie kunnen het bloedvolume en daarmee de bloeddruk verhogen.

Ook het renine-angiotensine-aldosteronsysteem (RAAS) beïnvloedt zowel de vaattonus als de natrium- en vochtbalans (McEvoy et al., 2024).

Zenuwstelsel en metabole factoren

Het sympathische zenuwstelsel kan hartslag, hartkracht en vaattonus verhogen. Tijdens inspanning of acute stress is dit functioneel. Langdurig verhoogde sympathische activiteit kan bij sommige mensen bijdragen aan hypertensie.

Daarnaast komen hypertensie, buikvet, insulineresistentie en diabetes type 2 vaak samen voor. Onder andere verhoogde sympathische activiteit, nierfunctie en hormonale veranderingen kunnen deze metabole ontregeling met hoge bloeddruk verbinden (Powell-Wiley et al., 2021).

Lees ook: Metabool syndroom: wanneer meerdere risicofactoren samenkomen

Welke factoren verhogen het risico?

Verschillende factoren vergroten de kans op het ontwikkelen van hoge bloeddruk. Sommige zijn niet beïnvloedbaar, zoals leeftijd, genetische aanleg en familiegeschiedenis. Andere bieden juist aangrijpingspunten voor preventie.

Belangrijke beïnvloedbare risicofactoren zijn onder andere:

  • overgewicht, vooral buikvet;
  • weinig lichaamsbeweging;
  • een hoge natriuminname;
  • een voedingspatroon met weinig kaliumrijke voedingsmiddelen;
  • overmatig alcoholgebruik;
  • roken als belangrijke cardiovasculaire risicofactor;
  • onvoldoende of verstoorde slaap;
  • obstructieve slaapapneu;
  • diabetes type 2 en metabole ontregeling.

Ook langdurige psychosociale stress kan de bloeddruk beïnvloeden. De relatie is echter complexer dan simpelweg 'stress veroorzaakt hypertensie': zowel de fysiologische stressrespons als slaap, gedrag en andere leefstijlfactoren kunnen hierbij een rol spelen (McEvoy et al., 2024).

Het risico wordt dus zelden door één factor bepaald. Vaak stapelen meerdere risicofactoren zich gedurende het leven op.

Wat is secundaire hypertensie?

Bij secundaire hypertensie is de verhoogde bloeddruk het gevolg van een herkenbare onderliggende aandoening of externe factor. Dit onderscheid is belangrijk, omdat behandeling van de oorzaak de bloeddruk soms sterk kan verbeteren.

Mogelijke oorzaken

Voorbeelden zijn:

  • nierziekten;
  • vernauwing van de nierslagaders;
  • primair hyperaldosteronisme;
  • obstructieve slaapapneu;
  • schildklieraandoeningen;
  • zeldzamere hormonale aandoeningen.

Ook geneesmiddelen en middelen zoals NSAID's, corticosteroïden en bepaalde stimulantia kunnen de bloeddruk verhogen (McEvoy et al., 2024).

Een arts kan uitgebreider naar secundaire oorzaken zoeken wanneer hypertensie bijvoorbeeld op jonge leeftijd ontstaat, plotseling sterk verergert of ondanks meerdere bloeddrukverlagende medicijnen onvoldoende onder controle blijft.

Welke klachten kunnen optreden?

Hoge bloeddruk veroorzaakt meestal geen duidelijke klachten. Je kunt jarenlang hypertensie hebben zonder daar iets van te merken. Klachten zijn daarom geen betrouwbare manier om te beoordelen of de bloeddruk normaal is.

Hoofdpijn, duizeligheid of vermoeidheid worden regelmatig aan hoge bloeddruk toegeschreven, maar zijn niet specifiek en kunnen veel andere oorzaken hebben.

Bij zeer hoge bloeddruk in combinatie met tekenen van acute orgaanschade kunnen wel ernstige klachten ontstaan, zoals neurologische uitvalsverschijnselen, ernstige benauwdheid of pijn op de borst. Dit vereist acute medische beoordeling (McEvoy et al., 2024).

Waarom is hoge bloeddruk schadelijk?

Langdurig verhoogde bloeddruk zorgt voor een grotere mechanische belasting van bloedvaten en organen. Het risico op cardiovasculaire aandoeningen neemt daarbij geleidelijk toe naarmate de bloeddruk hoger is (McEvoy et al., 2024).

Hart en bloedvaten

Het hart moet tegen een hogere druk in pompen. Hierdoor kan de hartspier verdikken en op termijn kan het risico op hartfalen toenemen. Hypertensie is daarnaast een belangrijke risicofactor voor coronaire hartziekten en andere vormen van vaatziekte.

Lees ook: Aderverkalking: meer dan een hoog cholesterol

Hersenen

Hoge bloeddruk is één van de belangrijkste beïnvloedbare risicofactoren voor een beroerte. Zowel ischemische beroertes door afsluiting van een bloedvat als hersenbloedingen komen vaker voor bij mensen met hypertensie.

Nieren en ogen

De kleine bloedvaten in de nieren kunnen door langdurige hypertensie beschadigd raken. Tegelijkertijd kan nierziekte de bloeddruk verder verhogen, waardoor een vicieuze cirkel kan ontstaan.

Ook kleine bloedvaten in het netvlies kunnen beschadigd raken. De gevolgen van hypertensie beperken zich daarmee niet tot het hart: het is een risicofactor voor schade aan meerdere orgaansystemen.

De belangrijkste reden om hoge bloeddruk tijdig op te sporen en te behandelen is daarom niet het verminderen van klachten, maar het verlagen van het risico op toekomstige hart-, vaat-, hersen- en nierschade.

Van hoge bloeddruk naar orgaanschade
Langdurig hoge bloeddruk

Hoe wordt hoge bloeddruk vastgesteld?

Omdat de bloeddruk van moment tot moment varieert, wordt hypertensie meestal niet vastgesteld op basis van één meting. Een betrouwbare diagnose vraagt om meerdere correct uitgevoerde metingen, bij voorkeur aangevuld met metingen buiten de spreekkamer (McEvoy et al., 2024).

Bloeddruk meten in de spreekkamer

Voor een betrouwbare meting is het belangrijk om eerst enkele minuten rustig te zitten. De arm wordt ondersteund en de manchet moet de juiste maat hebben. Tijdens een meetmoment worden doorgaans meerdere metingen verricht.

Een herhaald gemeten spreekkamerbloeddruk van 140/90 mmHg of hoger geldt volgens de ESC als hypertensie.

Thuis meten en 24-uursmeting

Thuismetingen kunnen een beter beeld geven van de bloeddruk tijdens het dagelijks leven. Ook kan een 24-uurs bloeddrukmeting worden gebruikt, waarbij overdag en 's nachts automatisch wordt gemeten.

Dit helpt onder andere om wittejassenhypertensie en gemaskeerde hypertensie te herkennen. Bij thuismetingen geldt gemiddeld 135/85 mmHg of hoger als hypertensie (McEvoy et al., 2024).

Na de diagnose wordt ook gekeken naar andere cardiovasculaire risicofactoren en mogelijke orgaanschade, bijvoorbeeld via bloed- en urineonderzoek.

Hoe wordt hoge bloeddruk behandeld?

Het doel van behandeling is niet alleen om het getal op de bloeddrukmeter te verlagen, maar vooral om het risico op beroerte, hartziekten, nierschade en vroegtijdige sterfte te verminderen. Bloeddrukverlaging vermindert aantoonbaar het risico op cardiovasculaire gebeurtenissen (Ettehad et al., 2016).

Leefstijl vormt de basis

Leefstijlmaatregelen worden aanbevolen bij vrijwel iedereen met een verhoogde bloeddruk. Belangrijke onderdelen zijn regelmatige beweging, een gezond voedingspatroon, minder zout, een gezond lichaamsgewicht, beperking van alcohol en stoppen met roken.

Medicatie wanneer nodig

Afhankelijk van de bloeddruk en het totale cardiovasculaire risico kan daarnaast medicatie nodig zijn. Veelgebruikte groepen zijn:

  • ACE-remmers of angiotensine-receptorblokkers (ARB's);
  • calciumantagonisten;
  • thiazide(-achtige) diuretica.

Andere middelen, zoals bètablokkers, worden afhankelijk van de individuele situatie en bijkomende aandoeningen gebruikt (McEvoy et al., 2024).

Welke behandeling en streefwaarde passend zijn, hangt onder andere af van leeftijd, bijkomende aandoeningen, verdraagbaarheid en het totale cardiovasculaire risico.

Wat kun je zelf doen?

Veel factoren die de bloeddruk beïnvloeden zijn gedeeltelijk aanpasbaar. De grootste winst wordt meestal bereikt door verschillende leefstijlmaatregelen te combineren.

Je kunt onder andere:

  • regelmatig bewegen;
  • bij overgewicht werken aan gewichtsverlies;
  • de hoeveelheid zout in je voeding beperken;
  • voldoende groenten, fruit en andere kaliumrijke voedingsmiddelen eten, wanneer medisch passend;
  • alcohol beperken;
  • stoppen met roken;
  • voldoende slapen en slaapapneu laten onderzoeken bij een vermoeden daarvan;
  • voorgeschreven medicatie consequent gebruiken;
  • thuis je bloeddruk meten wanneer dit met je behandelaar is afgesproken.

Voedingspatronen zoals het DASH-dieet, waarin groenten, fruit, volkorenproducten, peulvruchten en noten centraal staan, kunnen de bloeddruk verlagen (Filippou et al., 2020).

Het effect verschilt per persoon. Leefstijlverandering is bovendien geen reden om bloeddrukmedicatie zelfstandig te verminderen of te stoppen.

Lees ook: Metabool syndroom: wanneer meerdere risicofactoren samenkomen

Wanneer moet je naar de huisarts?

Laat je bloeddruk beoordelen wanneer thuismetingen herhaaldelijk verhoogd zijn of wanneer je een verhoogd cardiovasculair risico hebt, bijvoorbeeld door diabetes, nierziekte of bestaande hart- en vaatziekten.

Ook een onverwacht sterk verhoogde bloeddruk verdient medische beoordeling, zeker wanneer deze bij herhaalde metingen hoog blijft.

Een zeer hoge bloeddruk zonder acute orgaanschade is niet automatisch een hypertensieve noodsituatie. Ontstaan tegelijkertijd ernstige klachten zoals pijn op de borst, ernstige benauwdheid, neurologische uitvalsverschijnselen, verwardheid of andere tekenen van acute orgaanschade, dan is snelle medische beoordeling noodzakelijk (McEvoy et al., 2024).

Wat zegt de wetenschap?

Hypertensie behoort tot de best onderzochte beïnvloedbare risicofactoren voor hart- en vaatziekten. Zowel observationeel onderzoek als gerandomiseerde interventiestudies laten zien dat een hogere bloeddruk samenhangt met een groter cardiovasculair risico en dat effectieve bloeddrukverlaging dit risico vermindert (Ettehad et al., 2016; McEvoy et al., 2024).

Sterk onderbouwd

Er bestaat brede wetenschappelijke consensus dat:

  • langdurig hoge bloeddruk het risico op beroerte, hart- en vaatziekten en nierschade verhoogt;
  • behandeling van hypertensie het cardiovasculaire risico vermindert;
  • gewichtsverlies bij overgewicht de bloeddruk kan verlagen;
  • regelmatige lichaamsbeweging effectief is;
  • vermindering van een hoge natriuminname de bloeddruk kan verlagen;
  • medicamenteuze behandeling bij de juiste indicatie effectief is.

Meer dan één regelsysteem

Ook fysiologisch is goed onderbouwd dat bloeddruk ontstaat uit de interactie tussen hart, bloedvaten, nieren, zenuwstelsel en hormonale systemen. Hypertensie kan daarom niet worden teruggebracht tot één oorzaak of één orgaan.

Vanuit de kPNI is juist deze systeeminteractie relevant. Dat perspectief sluit aan bij de fysiologie, maar eventuele kPNI-specifieke verklaringsmodellen moeten worden onderscheiden van interventies en mechanismen die rechtstreeks in klinische studies zijn aangetoond.

Samenvatting

Hoge bloeddruk ontstaat meestal geleidelijk door een combinatie van erfelijke aanleg, leeftijd, leefstijl en veranderingen in de regulatie door bloedvaten, nieren, zenuwstelsel en hormonen.

Omdat hypertensie meestal geen klachten veroorzaakt, zijn betrouwbare bloeddrukmetingen essentieel. Langdurig verhoogde bloeddruk verhoogt het risico op onder andere beroerte, hartziekten en nierschade.

Leefstijl vormt een belangrijk onderdeel van preventie en behandeling. Wanneer het cardiovasculaire risico of de bloeddruk daar aanleiding toe geeft, kan daarnaast medicatie nodig zijn. Het behandelen van hoge bloeddruk vermindert aantoonbaar het risico op cardiovasculaire complicaties.

Veelgestelde vragen

Vanaf wanneer heb je hoge bloeddruk?

Volgens de ESC wordt bij een herhaald gemeten spreekkamerbloeddruk van 140/90 mmHg of hoger gesproken van hypertensie. Voor thuis- en 24-uursmetingen gelden lagere grenswaarden (McEvoy et al., 2024).

Is een bloeddruk van 140/90 gevaarlijk?

Eén meting van 140/90 mmHg betekent niet dat er direct gevaar bestaat. Wanneer de bloeddruk structureel verhoogd is, neemt het risico op hart- en vaatziekten wel toe. Het totale risico hangt ook af van andere factoren.

Kun je hoge bloeddruk voelen?

Meestal niet. Ook mensen met een duidelijk verhoogde bloeddruk kunnen zich volledig gezond voelen. Meten is daarom de enige betrouwbare manier om hoge bloeddruk vast te stellen.

Kan stress hoge bloeddruk veroorzaken?

Acute stress kan de bloeddruk tijdelijk verhogen door activatie van onder andere het sympathische zenuwstelsel. De relatie tussen chronische stress en blijvende hypertensie is complex en wordt mede beïnvloed door slaap, gedrag en andere risicofactoren.

Kun je hoge bloeddruk verlagen zonder medicijnen?

Bij sommige mensen kunnen gewichtsverlies, beweging, voedingsaanpassingen en beperking van alcohol en zout de bloeddruk aanzienlijk verlagen. Of medicatie daarnaast nodig is, hangt af van de hoogte van de bloeddruk en het cardiovasculaire risico.

Wat is belangrijker: de bovendruk of onderdruk?

Beide zijn relevant. Vooral op middelbare en hogere leeftijd is de systolische bloeddruk een belangrijke voorspeller van cardiovasculair risico. De arts beoordeelt echter altijd beide waarden en het totale risicoprofiel.

Hoe vaak moet je thuis je bloeddruk meten?

Voor diagnostiek wordt doorgaans volgens een vast meetschema gedurende meerdere dagen gemeten. Hoe vaak daarna controle nodig is, hangt af van je bloeddruk, behandeling en persoonlijke risico. Spreek daarom met je huisarts af welk meetschema voor jou passend is.

Persoonlijk advies

Hoge bloeddruk ontstaat meestal door een samenspel van factoren. Naast erfelijke aanleg en leeftijd kunnen onder andere lichaamsgewicht, beweging, voeding, slaap, stress en metabole gezondheid een rol spelen.

Binnen mijn praktijk kijk ik vanuit de klinische psycho-neuro-immunologie (kPNI) naar deze samenhang en naar factoren die mogelijk beïnvloedbaar zijn. Dit gebeurt aanvullend op reguliere diagnostiek en behandeling.

Heb je een verhoogde bloeddruk of meerdere risicofactoren voor hart- en vaatziekten en wil je weten waar voor jou mogelijkheden liggen? Dan denk ik graag met je mee tijdens een vrijblijvend telefonisch kennismakingsgesprek.

Bronnen

Ettehad D, Emdin CA, Kiran A, Anderson SG, Callender T, Emberson J, Chalmers J, Rodgers A, Rahimi K. Blood pressure lowering for prevention of cardiovascular disease and death: a systematic review and meta-analysis. Lancet. 2016 Mar 5;387(10022):957-967. doi: 10.1016/S0140-6736(15)01225-8. Epub 2015 Dec 24. PMID: 26724178.

Filippou CD, Tsioufis CP, Thomopoulos CG, Mihas CC, Dimitriadis KS, Sotiropoulou LI, Chrysochoou CA, Nihoyannopoulos PI, Tousoulis DM. Dietary Approaches to Stop Hypertension (DASH) Diet and Blood Pressure Reduction in Adults with and without Hypertension: A Systematic Review and Meta-Analysis of Randomized Controlled Trials. Adv Nutr. 2020 Sep 1;11(5):1150-1160. doi: 10.1093/advances/nmaa041. PMID: 32330233; PMCID: PMC7490167.

McEvoy JW, McCarthy CP, Bruno RM, Brouwers S, Canavan MD, Ceconi C, Christodorescu RM, Daskalopoulou SS, Ferro CJ, Gerdts E, Hanssen H, Harris J, Lauder L, McManus RJ, Molloy GJ, Rahimi K, Regitz-Zagrosek V, Rossi GP, Sandset EC, Scheenaerts B, Staessen JA, Uchmanowicz I, Volterrani M, Touyz RM; ESC Scientific Document Group. 2024 ESC Guidelines for the management of elevated blood pressure and hypertension. Eur Heart J. 2024 Oct 7;45(38):3912-4018. doi: 10.1093/eurheartj/ehae178. Erratum in: Eur Heart J. 2025 Apr 7;46(14):1300. doi: 10.1093/eurheartj/ehaf031. Erratum in: Eur Heart J. 2025 Dec 1;46(45):4949. doi: 10.1093/eurheartj/ehaf659. PMID: 39210715.

Nederlands Huisartsen Genootschap. (2024). NHG-Standaard Cardiovasculair risicomanagement (M84). NHG-Standaard Cardiovasculair risicomanagement

Powell-Wiley TM, Poirier P, Burke LE, Després JP, Gordon-Larsen P, Lavie CJ, Lear SA, Ndumele CE, Neeland IJ, Sanders P, St-Onge MP; American Heart Association Council on Lifestyle and Cardiometabolic Health; Council on Cardiovascular and Stroke Nursing; Council on Clinical Cardiology; Council on Epidemiology and Prevention; and Stroke Council. Obesity and Cardiovascular Disease: A Scientific Statement From the American Heart Association. Circulation. 2021 May 25;143(21):e984-e1010. doi: 10.1161/CIR.0000000000000973. Epub 2021 Apr 22. PMID: 33882682; PMCID: PMC8493650.

Gepubliceerd: augustus 8, 2026
Wordt periodiek geüpdatet op basis van van actuele richtlijnen en wetenschappelijke literatuur.

Laatst bijgewerkt: 8 augustus 2026

Vincent van der Heiden

Over de auteur

Vincent van der Heiden is klinisch psycho-neuro-immunoloog (kPNI). Binnen kPNI Geneeskunde schrijft hij over chronische aandoeningen en de biologische mechanismen en risicofactoren die daarbij een rol kunnen spelen. Daarbij kijkt hij naar de samenhang tussen onder andere het immuunsysteem, metabolisme, zenuwstelsel, hormonen en leefstijl. De artikelen zijn gebaseerd op actuele wetenschappelijke literatuur, waarbij onderscheid wordt gemaakt tussen wetenschappelijke consensus en kPNI-specifieke verklaringsmodellen.