Vincent van der Heiden

1 minuut samenvatting

  • De huid-darm-as beschrijft de mogelijke tweerichtingscommunicatie tussen de darmen en de huid. Daarbij spelen onder andere het darmmicrobioom, het immuunsysteem, de darm- en huidbarrière en stoffen die darmbacteriën produceren een rol (Mahmud et al., 2025).
  • Het darmmicrobioom bestaat uit een enorme gemeenschap van micro-organismen. Deze bacteriën en andere micro-organismen beïnvloeden niet alleen processen in de darm, maar produceren ook stoffen die het immuunsysteem en de stofwisseling kunnen beïnvloeden.
  • Vooral korteketenvetzuren, zoals butyraat, en stoffen die ontstaan uit tryptofaan en galzuren worden onderzocht als mogelijke boodschappers tussen darm, immuunsysteem en andere organen (Yoon et al., 2023).
  • Bij aandoeningen zoals atopisch eczeem, psoriasis en acne worden regelmatig verschillen gevonden in het darmmicrobioom ten opzichte van mensen zonder deze aandoeningen. Dat betekent echter niet dat een ‘verstoorde darmflora’ de oorzaak van deze huidziekten is.
  • Ook de populaire term ‘leaky gut’ vraagt om nuance. Een verhoogde darmpermeabiliteit bestaat als biologisch verschijnsel, maar het is te simpel om veelvoorkomende huidklachten automatisch te verklaren vanuit een ‘lekkende darm’.
  • Onderzoek naar probiotica, prebiotica en andere manieren om het darmmicrobioom te beïnvloeden is interessant. Sommige studies laten verbetering van huidklachten zien, maar resultaten verschillen sterk tussen aandoeningen, bacteriestammen en onderzoekspopulaties.
  • De huid-darm-as is daarmee een biologisch aannemelijk en snel ontwikkelend onderzoeksgebied, maar veel causale verbanden en praktische behandelingen moeten nog beter worden aangetoond.

Inleiding — Wat hebben je darmen met je huid te maken?

Eczeem, acne of psoriasis behandelen door de darmen te ‘herstellen’. Probiotica gebruiken voor een mooiere huid. Of een ontlastingstest laten doen om de oorzaak van huidklachten te achterhalen.

Online kom je dergelijke adviezen steeds vaker tegen.

Daarachter zit een interessant wetenschappelijk concept: de huid-darm-as, internationaal meestal de gut-skin axis genoemd.

Het idee dat darm en huid iets met elkaar te maken hebben is op zichzelf niet vreemd. Beide organen vormen een belangrijke grens tussen ons lichaam en de buitenwereld. Zowel de darm als de huid heeft bovendien een eigen microbioom: een gemeenschap van bacteriën, virussen, schimmels en andere micro-organismen.

Daarnaast bevatten beide barrières grote aantallen immuuncellen. Veranderingen in de darm kunnen daardoor in theorie signalen veroorzaken die via het immuunsysteem, de stofwisseling of de bloedbaan ook andere organen bereiken.

Steeds meer onderzoek vindt inderdaad verbanden tussen het darmmicrobioom en huidaandoeningen zoals atopisch eczeem, psoriasis en acne (Mahmud et al., 2025).

Maar daar ontstaat meteen een belangrijk probleem.

Wanneer onderzoekers bij mensen met eczeem andere darmbacteriën aantreffen dan bij mensen zonder eczeem, weten we nog niet wat oorzaak en gevolg is. Misschien beïnvloedt het darmmicrobioom de huid. Misschien beïnvloeden de ziekte, voeding of medicatie juist het darmmicrobioom. En waarschijnlijk spelen meerdere processen tegelijkertijd een rol.

Een systematische review naar het darmmicrobioom bij inflammatoire huidaandoeningen concludeerde bijvoorbeeld dat er verschillende associaties worden gevonden bij acne, psoriasis, atopische dermatitis en urticaria, maar dat de precieze bijdrage aan het ontstaan van deze aandoeningen nog onduidelijk is (Mahmud et al., 2022).

De wetenschappelijk interessante vraag is daarom niet:

‘Komen mijn huidklachten door mijn darmen?’

maar:

‘Via welke mechanismen kunnen darm en huid elkaar beïnvloeden, en hoe sterk is het bewijs dat dit bij huidziekten daadwerkelijk relevant is?’

Dat onderscheid vormt de rode draad van dit artikel.

Lees ook: Laaggradige ontsteking: wat is het en waarom speelt het een rol bij chronische ziekten?

Wat is de huid-darm-as?

De huid-darm-as is een verzamelnaam voor de biologische communicatie tussen het maag-darmstelsel en de huid.

Het gaat dus niet om één afzonderlijke verbinding.

Er loopt geen speciale ‘darm-huid-zenuw’ waarmee de darm rechtstreeks informatie naar de huid stuurt. In plaats daarvan kunnen verschillende systemen tegelijkertijd voor communicatie zorgen.

Denk bijvoorbeeld aan:

darmmicrobioom → microbiële stoffen → immuunsysteem → bloedbaan → huid

maar ook aan veranderingen in:

  • darmbarrière en huidbarrière;
  • ontstekingssignalen;
  • immuuncellen;
  • hormonen en stofwisseling;
  • zenuwstelsel;
  • producten die door darmbacteriën worden gevormd.

Daarom wordt tegenwoordig gesproken over een tweerichtingsrelatie. De darm kan processen beïnvloeden die uiteindelijk relevant zijn voor de huid, terwijl ziekteprocessen, stress en andere factoren die met de huid samenhangen op hun beurt ook de darmomgeving kunnen beïnvloeden (Mahmud et al., 2025).

Centraal hierin staat vaak het darmmicrobioom.

In onze darmen leven grote aantallen micro-organismen die voedingsbestanddelen verwerken en allerlei stoffen produceren. Sommige daarvan blijven vooral lokaal actief. Andere kunnen via biologische routes invloed uitoefenen op het immuunsysteem of verderop in het lichaam.

Dat maakt het microbioom interessant, maar ook ingewikkeld.

Er bestaat namelijk niet één ideale samenstelling van een ‘gezond darmmicrobioom’. De samenstelling verschilt sterk tussen gezonde mensen en wordt beïnvloed door onder andere voeding, leeftijd, leefomgeving, geneesmiddelen en vele andere factoren.

Ook de term dysbiose — een ongunstige verandering van het microbioom — moet daarom voorzichtig worden gebruikt. Onderzoekers kunnen verschillen tussen groepen aantonen, maar daaruit volgt niet automatisch dat iemand op individueel niveau een ‘verstoorde darmflora’ heeft die behandeld moet worden.

Lees ook: Wat is klinische psycho-neuro-immunologie (kPNI)?

Lees ook: Prikkelbare darm syndroom (IBS), PMS en acne: de link tussen darmklachten, hormonen en stress

Waarom kunnen darm en huid elkaar biologisch beïnvloeden?

Om te begrijpen waarom een huid-darm-as überhaupt mogelijk is, moeten we iets verder kijken dan alleen bacteriën.

Er zijn verschillende mogelijke communicatieroutes.

1. Darm en huid zijn beide barrières

De binnenkant van de darm wordt bekleed door één laag darmepitheel. Deze cellaag helpt bepalen welke stoffen vanuit de darm het lichaam binnenkomen.

De huid heeft een vergelijkbare barrièrefunctie. Daar vormt vooral de buitenste laag van de opperhuid een bescherming tegen vochtverlies, irriterende stoffen, allergenen en micro-organismen.

Beide barrières zijn bovendien nauw verbonden met het immuunsysteem.

Dat is logisch: juist op deze plaatsen komt het lichaam voortdurend in contact met de buitenwereld.

Wanneer de darmbarrière verandert, kan daardoor ook de blootstelling van het immuunsysteem aan bacteriële bestanddelen en andere moleculen veranderen. Een verminderde barrièrefunctie wordt onder andere onderzocht bij inflammatoire en metabole aandoeningen. Dit is een werkelijk bestaand biologisch verschijnsel, maar mag niet zonder meer worden gelijkgesteld aan het populaire begrip ‘leaky gut’.

2. Darmbacteriën produceren biologisch actieve stoffen

Darmbacteriën doen veel meer dan alleen in onze darmen leven. Ze verwerken voedingsstoffen en produceren daarbij allerlei metabolieten: stoffen die tijdens de stofwisseling ontstaan.

Een belangrijk voorbeeld zijn korteketenvetzuren, meestal aangeduid met de Engelse afkorting SCFA's (short-chain fatty acids).

Wanneer darmbacteriën bepaalde voedingsvezels fermenteren, ontstaan onder andere:

  • acetaat;
  • propionaat;
  • butyraat.

Deze stoffen kunnen de darmbarrière en het immuunsysteem beïnvloeden. Vooral butyraat is interessant vanwege zijn rol als energiebron voor darmepitheelcellen en zijn invloed op immuunregulatie (Yoon et al., 2023).

Daarnaast produceren of veranderen darmbacteriën onder andere tryptofaanmetabolieten en secundaire galzuren. Ook deze stoffen kunnen receptoren en immuuncellen beïnvloeden.

Sommige van deze metabolieten kunnen uiteindelijk in de circulatie terechtkomen. Dat biedt een biologisch plausibele route waardoor processen in de darm invloed zouden kunnen hebben op organen verderop in het lichaam.

3. Het immuunsysteem vormt een belangrijke verbinding

Waarschijnlijk is het immuunsysteem een van de belangrijkste schakels binnen de huid-darm-as.

De darm bevat een zeer groot en actief immuunnetwerk. Dat moet voortdurend onderscheid maken tussen bijvoorbeeld:

onschuldige voedingsstoffen en commensale bacteriën
versus
potentieel schadelijke micro-organismen

Het darmmicrobioom en zijn metabolieten kunnen daarbij invloed hebben op verschillende immuuncellen. Zo kunnen korteketenvetzuren en andere microbiële metabolieten de balans tussen verschillende typen T-cellen beïnvloeden, waaronder regulatoire T-cellen die helpen om overmatige immuunreacties te begrenzen (Yoon et al., 2023).

Veranderingen in dergelijke immuunprocessen zouden vervolgens ook gevolgen kunnen hebben buiten de darm, waaronder in de huid.

Bij atopisch eczeem en psoriasis worden bijvoorbeeld verschillende immuunroutes geactiveerd. Dat maakt het aannemelijk dat systemische immuunregulatie en lokale huidontsteking elkaar kunnen beïnvloeden. Reviews beschrijven inderdaad mogelijke verbanden tussen darmmicrobiota, microbiële metabolieten en de immuunroutes die bij deze aandoeningen betrokken zijn (Zou et al., 2024).

Maar ook hier geldt:

biologische plausibiliteit is nog geen bewijs voor causaliteit.

Dat we een mechanisme kunnen bedenken én dat mensen met een huidziekte gemiddeld een ander darmmicrobioom hebben, bewijst nog niet dat veranderingen in het darmmicrobioom de huidziekte hebben veroorzaakt.

Juist dat onderscheid wordt belangrijk wanneer we verderop kijken naar eczeem, acne en psoriasis.

Infographic over de huid-darm-as en de tweerichtingscommunicatie tussen darmmicrobioom, darmbarrière, immuunsysteem, microbiële metabolieten en de huid.

Welke rol speelt het darmmicrobioom?

Het darmmicrobioom bestaat uit de micro-organismen die in onze darmen leven, waaronder bacteriën, virussen en schimmels. Deze micro-organismen leven niet alleen van wat wij eten, maar maken daarbij ook stoffen die invloed kunnen hebben op onze darmbarrière, stofwisseling en het immuunsysteem.

Dat maakt het darmmicrobioom een mogelijke schakel tussen darm en huid.

Onderzoekers zien bij verschillende huidaandoeningen verschillen in het darmmicrobioom ten opzichte van mensen zonder deze aandoeningen. Dat wordt onder andere beschreven bij atopisch eczeem, acne en psoriasis (Mahmud et al., 2022).

Vaak wordt zo'n afwijkende samenstelling aangeduid als dysbiose. Dat klinkt alsof duidelijk is wat er mis is, maar zo eenvoudig is het niet. Er bestaat namelijk geen universeel ‘gezond microbioom’ waarmee iedereen vergeleken kan worden. Twee gezonde mensen kunnen behoorlijk verschillende darmmicrobiomen hebben.

Bovendien vertelt een verschil in bacteriesamenstelling nog niets over oorzaak en gevolg.

Stel dat mensen met psoriasis gemiddeld minder van bacteriesoort A en meer van bacteriesoort B hebben. Dan zijn verschillende verklaringen mogelijk:

verandering microbioom → beïnvloedt ziekteproces

maar ook:

ziekteproces → beïnvloedt microbioom

of:

voeding, medicatie, lichaamsgewicht of leefstijl → beïnvloeden beide

Waarschijnlijk gaat het in werkelijkheid om een combinatie van zulke processen.

Daarom is het wetenschappelijk nauwkeuriger om te zeggen dat het darmmicrobioom samenhangt met verschillende huidaandoeningen, dan dat een ‘verstoorde darmflora’ deze aandoeningen veroorzaakt.

Welke rol spelen de darmbarrière en het immuunsysteem?

De binnenkant van onze darm wordt gescheiden van de rest van het lichaam door een dunne maar zeer actieve barrière.

Darmepitheelcellen liggen daarbij dicht tegen elkaar aan. Eiwitstructuren tussen deze cellen, de zogenaamde tight junctions, helpen bepalen welke stoffen de darmwand kunnen passeren.

Dat betekent niet dat de darmwand volledig afgesloten is. Integendeel: voedingsstoffen moeten juist worden opgenomen. Tegelijkertijd moet worden voorkomen dat grote hoeveelheden bacteriën en ongewenste bacteriële bestanddelen het lichaam binnendringen.

Wanneer deze regulatie verandert, spreken onderzoekers van een verhoogde darmpermeabiliteit.

Online wordt hiervoor vaak de term leaky gut of ‘lekkende darm’ gebruikt. Die term kan echter misleidend zijn. Verhoogde darmpermeabiliteit is een meetbaar biologisch verschijnsel dat bij verschillende ziekteprocessen voorkomt, maar daarmee bestaat nog geen algemene diagnose ‘leaky gut syndrome’ waarmee allerlei klachten kunnen worden verklaard.

Waarom is de darmbarrière interessant voor de huid?

Wanneer de darmbarrière verandert, kan ook de blootstelling van het immuunsysteem aan microbiële bestanddelen veranderen. Stoffen afkomstig van bacteriën kunnen immuunreceptoren activeren en daarmee ontstekingssignalen beïnvloeden.

Het immuunsysteem vormt zo een mogelijke verbinding:

darmbarrière

contact met microbiële stoffen

immuunrespons

systemische signalen

mogelijke invloed op de huid

Bij aandoeningen zoals psoriasis en atopisch eczeem spelen ontregelde immuunreacties een belangrijke rol. Daardoor is het biologisch aannemelijk dat darmbarrière, darmmicrobioom en immuunregulatie onderdeel kunnen zijn van een groter systeem dat ook de huid beïnvloedt (Zou et al., 2024).

Maar opnieuw geldt: dat mechanisme is geen bewijs dat een verhoogde darmpermeabiliteit de oorzaak van eczeem, acne of psoriasis is.

Lees ook: Laaggradige ontsteking: wat is het en waarom speelt het een rol bij chronische ziekten?

Wat zijn microbiële metabolieten en hoe kunnen ze de huid bereiken?

Een van de interessantste onderdelen van de huid-darm-as zijn de stoffen die darmbacteriën produceren.

Deze stoffen worden microbiële metabolieten genoemd. Een metaboliet is simpel gezegd een stof die ontstaat tijdens een stofwisselingsproces.

Een bekend voorbeeld zijn korteketenvetzuren, oftewel SCFA's (short-chain fatty acids).

Darmbacteriën kunnen bepaalde voedingsvezels fermenteren. Daarbij ontstaan onder andere:

  • acetaat;
  • propionaat;
  • butyraat.

Vooral butyraat wordt veel onderzocht. Het dient als belangrijke energiebron voor cellen van de dikke darm en kan de darmbarrière en verschillende immuunprocessen beïnvloeden (Yoon et al., 2023).

Daarnaast kunnen darmbacteriën stoffen maken of veranderen uit bijvoorbeeld:

tryptofaan → verschillende indoolverbindingen
galzuren → secundaire galzuren
voedingsvezels → korteketenvetzuren

Een deel van deze stoffen kan vanuit de darm worden opgenomen en via de bloedbaan andere weefsels bereiken. Daarnaast kunnen metabolieten lokaal immuuncellen beïnvloeden, waarna veranderde immuunsignalen elders in het lichaam effect kunnen hebben.

Dit geeft ons twee mogelijke routes:

darm → metaboliet → bloedbaan → andere organen

en:

darm → metaboliet → immuunsysteem → systemische immuunrespons

In experimenteel onderzoek zijn verschillende effecten op huidbarrière en huidimmuniteit gevonden. De precieze betekenis hiervan bij mensen met huidziekten is echter nog niet volledig opgehelderd.

Het is daarom verleidelijk om bijvoorbeeld te zeggen:

meer vezels → meer butyraat → betere huid

maar die conclusie gaat verder dan het huidige klinische bewijs toelaat.

Wat weten we over de huid-darm-as bij eczeem?

Van de verschillende huidziekten is atopisch eczeem een van de meest onderzochte aandoeningen binnen de huid-darm-as.

Dat is niet verrassend. Eczeem ontstaat vaak al vroeg in het leven, juist in een periode waarin ook het darmmicrobioom zich sterk ontwikkelt.

Studies laten zien dat kinderen met atopisch eczeem gemiddeld verschillen kunnen vertonen in de samenstelling en diversiteit van het darmmicrobioom. Ook worden bepaalde bacteriegroepen en microbiële metabolieten in verband gebracht met het ontstaan of de ernst van eczeem.

Het probleem is dat de resultaten tussen studies niet altijd overeenkomen. Verschillen in leeftijd, geboorte, borstvoeding, antibioticagebruik, voeding, woonomgeving en analysetechniek kunnen allemaal invloed hebben op de gevonden microbiële samenstelling.

Daar komt bij dat eczeem zelf geen eenvoudige darmziekte is. We weten inmiddels dat onder andere genetische aanleg, huidbarrière en type-2-immuunreacties belangrijke onderdelen zijn van het ziekteproces.

Bij sommige kinderen kan het darmmicrobioom mogelijk bijdragen aan de ontwikkeling van het immuunsysteem en daarmee indirect aan de kans op atopische aandoeningen. Dat is echter iets anders dan stellen dat eczeem ontstaat door ‘verkeerde darmbacteriën’.

Ook onderzoek naar probiotica ondersteunt die nuance: er worden soms gunstige effecten gevonden, maar de resultaten zijn sterk afhankelijk van gebruikte stammen, timing en onderzoekspopulatie.

De huidige stand van zaken is daarom:

er bestaat een aannemelijke relatie tussen darmmicrobioom, immuunontwikkeling en atopisch eczeem, maar er bestaat nog geen specifiek microbioomprofiel waarmee eczeem betrouwbaar kan worden verklaard of behandeld.

Lees ook: Atopic march: waarom eczeem, voedselallergie en astma vaak samen voorkomen

Wat weten we over de huid-darm-as bij acne?

Ook bij acne wordt steeds meer onderzoek gedaan naar het darmmicrobioom.

Dat is interessant omdat acne niet alleen wordt beïnvloed door lokale processen in de huid. Hormonen, insuline, IGF-1, voeding en ontstekingsprocessen kunnen eveneens relevant zijn.

Onderzoekers hebben verschillen gevonden tussen het darmmicrobioom van mensen met en zonder acne. Reviews beschrijven bijvoorbeeld veranderingen in bacteriële diversiteit en in de relatieve aanwezigheid van bepaalde bacteriegroepen.

Maar het onderzoek bevindt zich nog in een relatief vroege fase.

Bij acne is vooral belangrijk dat voeding een mogelijke verstorende factor is. Voeding kan namelijk tegelijkertijd:

het darmmicrobioom beïnvloeden

én

via insuline en IGF-1 acne beïnvloeden.

Wanneer iemand met een bepaald voedingspatroon zowel een ander darmmicrobioom als meer acne heeft, betekent dat dus niet automatisch dat het microbioom de tussenliggende oorzaak is.

Dat onderscheid is relevant omdat voor de relatie tussen acne en glycemische belasting inmiddels meer klinisch bewijs bestaat dan voor behandeling van acne via het darmmicrobioom.

De huid-darm-as is bij acne daarom een interessante hypothese, maar momenteel geen reden om acne primair als een darmprobleem te behandelen.

Lees ook: Acne en insuline: wat is de rol van IGF-1, mTORC1 en voeding?

Lees ook: Acne: oorzaken, behandeling en de rol van voeding

Lees ook: Prikkelbare darm syndroom (IBS), PMS en acne: de link tussen darmklachten, hormonen en stress

Wat weten we over de huid-darm-as bij psoriasis?

Bij psoriasis is de mogelijke verbinding met de darm om een andere reden interessant.

Psoriasis is niet alleen een lokale huidaandoening, maar een systemische immuungemedieerde ontstekingsziekte. Vooral bepaalde immuunroutes, waaronder de IL-23/IL-17-as, spelen een belangrijke rol in het ziekteproces.

Daarnaast komen bij mensen met psoriasis bepaalde metabole en inflammatoire aandoeningen relatief vaak voor, waaronder obesitas, metabool syndroom en inflammatoire darmziekten.

Ook worden verschillen in het darmmicrobioom gevonden tussen mensen met psoriasis en gezonde controlegroepen. Reviews en meta-analyses beschrijven veranderingen in microbiële diversiteit en verschillende bacteriegroepen, maar er bestaat nog geen consistent ‘psoriasismicrobioom’ dat in alle studies wordt teruggevonden.

Dat is belangrijk.

Mensen met psoriasis verschillen gemiddeld ook op andere gebieden van gezonde controlegroepen. Denk aan:

  • lichaamsgewicht;
  • voedingspatroon;
  • medicatiegebruik;
  • ontstekingsactiviteit;
  • metabole gezondheid.

Al deze factoren kunnen het darmmicrobioom beïnvloeden.

De relatie tussen psoriasis en darmmicrobioom is daarom biologisch interessant, maar causaliteit blijft grotendeels onzeker.

Hetzelfde geldt voor darmpermeabiliteit en microbiële metabolieten. Er zijn plausibele mechanismen waarmee deze processen systemische immuunactiviteit zouden kunnen beïnvloeden, maar dat rechtvaardigt nog niet de conclusie dat psoriasis door een ‘lekkende darm’ wordt veroorzaakt.

Juist bij psoriasis laat de huid-darm-as vooral zien hoe moeilijk het is om één orgaan los te zien van bredere immuun- en metabole processen.

Lees ook: Laaggradige ontsteking: wat is het en waarom speelt het een rol bij chronische ziekten?

Betekent een huidprobleem dat er iets mis is met je darmen?

Nee.

Dit is misschien wel de belangrijkste nuance van het hele artikel.

Het bestaan van een huid-darm-as betekent niet dat iemand met eczeem, acne, rosacea of psoriasis automatisch een darmprobleem heeft.

Ook betekent het niet dat bij iedere huidklacht:

  • de darmflora moet worden ‘hersteld’;
  • een ontlastingstest nodig is;
  • probiotica nodig zijn;
  • gluten of zuivel moeten worden vermeden;
  • sprake is van een ‘lekkende darm’.

Daarvoor is het wetenschappelijke bewijs onvoldoende.

Huidziekten hebben hun eigen goed onderzochte mechanismen. Bij eczeem zijn bijvoorbeeld de huidbarrière, genetische aanleg en immuunregulatie belangrijk. Bij acne spelen talgproductie, verhoorning, hormonen en lokale ontsteking een belangrijke rol. Bij psoriasis staan specifieke immuunroutes centraal.

De darm kan daar mogelijk één beïnvloedende factor binnen zijn, maar is niet automatisch de onderliggende oorzaak.

Andersom geldt hetzelfde. Iemand kan duidelijke darmklachten hebben zonder een huidaandoening te ontwikkelen.

Dat maakt de huid-darm-as vooral interessant als systeemconcept: darm, immuunsysteem, stofwisseling en huid functioneren niet volledig onafhankelijk van elkaar.

Maar een systeemconcept is nog geen diagnose.

Voor iemand die naast huidklachten ook duidelijke maag-darmklachten heeft — zoals aanhoudende diarree, buikpijn of andere afwijkingen — kan verder onderzoek uiteraard wel relevant zijn. Dat gebeurt dan op basis van die klachten en de medische context, niet alleen omdat er een huidprobleem bestaat.

De wetenschappelijk zorgvuldige conclusie is daarom:

Darm en huid kunnen elkaar biologisch beïnvloeden, maar een huidprobleem bewijst niet dat er iets mis is met de darmen.

Dat onderscheid wordt in het volgende onderdeel belangrijk: hoe sterk is het wetenschappelijke bewijs voor de huid-darm-as eigenlijk?

Wat zegt de wetenschap?

De huid-darm-as is biologisch goed voorstelbaar, maar de wetenschap bevindt zich nog duidelijk in ontwikkeling. Vooral het onderscheid tussen een aangetoond verband en een bewezen oorzaak is belangrijk.

We weten vrij zeker dat het darmmicrobioom invloed heeft op het immuunsysteem, de darmbarrière en de productie van allerlei metabolieten. Ook weten we dat bij verschillende huidaandoeningen gemiddeld veranderingen in het darmmicrobioom worden gevonden. Reviews beschrijven dergelijke associaties onder andere bij atopisch eczeem, psoriasis en acne (Zou et al., 2024).

Veel minder duidelijk is of deze veranderingen daadwerkelijk een oorzaak van de huidziekte zijn.

Een groot probleem is dat veel onderzoek observationeel is. Onderzoekers vergelijken bijvoorbeeld het darmmicrobioom van mensen met psoriasis met dat van gezonde mensen. Als daar verschillen uitkomen, weten we nog niet of die verschillen hebben bijgedragen aan de psoriasis.

Ook voeding, lichaamsgewicht, geneesmiddelen, leeftijd, ziekteactiviteit en leefomgeving kunnen het darmmicrobioom beïnvloeden.

Daar komt bij dat studies verschillende technieken gebruiken om het microbioom te analyseren. Hierdoor worden niet altijd dezelfde bacteriën of microbiële patronen gevonden.

Interventieonderzoek geeft inmiddels wel extra informatie. Een recente systematische review van 60 gerandomiseerde studies naar probiotica, prebiotica en synbiotica bij verschillende huidaandoeningen vond bij een deel van de studies verbeteringen in ziekte-ernst. De resultaten voor ontstekingsmarkers en veranderingen van het darmmicrobioom waren echter wisselend (Chen et al., 2024).

De huidige stand van de wetenschap kunnen we daarom ongeveer zo indelen:

Goed onderbouwd

  • darmmicro-organismen beïnvloeden immuun- en stofwisselingsprocessen;
  • het darmmicrobioom produceert biologisch actieve metabolieten;
  • darmbarrière en immuunsysteem staan nauw met elkaar in verbinding;
  • bij verschillende huidziekten worden associaties met het darmmicrobioom gevonden.

Aannemelijk, maar nog in onderzoek

  • dat microbiële metabolieten een relevante communicatieroute naar de huid vormen;
  • dat veranderingen van het darmmicrobioom bijdragen aan het ziekteproces bij eczeem, acne of psoriasis;
  • dat voeding een deel van haar invloed op de huid via het darmmicrobioom uitoefent.

Niet aangetoond

  • dat één bepaald type ‘dysbiose’ de oorzaak is van veelvoorkomende huidziekten;
  • dat een ‘lekkende darm’ een algemene verklaring is voor huidklachten;
  • dat een standaard ontlastingstest kan bepalen waarom iemand acne, eczeem of psoriasis heeft;
  • dat iedereen met een huidziekte baat heeft bij probiotica.

De huid-darm-as is dus meer dan alleen een theorie, maar veel minder eenvoudig dan populaire gezondheidsclaims soms suggereren.

Een biologisch plausibel mechanisme is nog geen bewezen behandeling.

Infographic over de bewijskracht voor de huid-darm-as, met onderscheid tussen goed onderbouwde mechanismen, aannemelijke hypothesen en nog niet bewezen diagnostiek en behandelingen.

Kunnen probiotica huidklachten verbeteren?

Mogelijk, maar probiotica zijn geen algemene behandeling voor huidziekten.

Probiotica zijn levende micro-organismen die, wanneer ze in voldoende hoeveelheid worden toegediend, een gezondheidsvoordeel kunnen opleveren. Vaak gaat het om stammen van Lactobacillus of Bifidobacterium.

Belangrijk is het woord stammen. Verschillende bacteriestammen kunnen verschillende eigenschappen hebben. De uitkomst van een onderzoek met één probioticum kan daarom niet automatisch worden vertaald naar ieder willekeurig probioticum.

Probiotica bij atopisch eczeem

Voor atopisch eczeem bestaat inmiddels behoorlijk veel onderzoek.

Een meta-analyse bij volwassenen vond een verbetering van de SCORAD-score, een maat voor de ernst van eczeem, na probioticagebruik. De effecten verschilden echter duidelijk tussen bacteriestammen (Umborowati et al., 2023).

Een recentere systematische review van microbiële interventies vond eveneens gemiddeld verbetering van atopische dermatitis. De verschillen tussen studies waren echter zeer groot: de statistische heterogeniteit bedroeg ruim 85%. Dat betekent dat studies sterk uiteenlopende resultaten opleverden (Liscano et al., 2025).

We kunnen daarom niet simpelweg concluderen:

eczeem → neem probiotica.

Het effect kan afhangen van leeftijd, ziekte-ernst, bacteriestam, combinatie van stammen, dosis en behandelduur.

Probiotica bij acne

Ook bij acne verschijnen steeds meer interventiestudies.

Hier is het beeld nog niet eenduidig. Een recente meta-analyse vond geen significante afname van het totale aantal acneletsels door probiotica, hoewel sommige scores voor de ernst van acne wel verbeterden. De studies verschilden bovendien behoorlijk van elkaar (Julanon et al., 2026).

Andere recente meta-analyses komen iets positiever uit, maar benadrukken eveneens dat het aantal goede gerandomiseerde studies klein is en de zekerheid van het bewijs beperkt blijft.

Voorlopig zijn orale probiotica daarom hooguit een mogelijke aanvullende interventie, geen bewezen vervanging van reguliere acnebehandeling.

Probiotica bij psoriasis

Bij psoriasis zijn eveneens kleine gerandomiseerde studies uitgevoerd.

Een meta-analyse van vijf studies met in totaal 286 deelnemers vond gemiddeld een gunstiger effect van probiotica dan placebo (Wei et al., 2024).

Een andere meta-analyse van zeven studies vond een afname van de gemiddelde PASI-score, waarmee de ernst van psoriasis wordt beoordeeld. Voor het behalen van minstens 75% verbetering van de PASI-score was het verschil met placebo echter niet statistisch significant (Chen et al., 2024).

Ook hier is het bewijs dus interessant, maar nog onvoldoende voor een algemene aanbeveling.

Welke rol spelen voeding en leefstijl?

Voeding heeft zonder twijfel invloed op het darmmicrobioom. Wat we eten bepaalt immers mede welke voedingsstoffen de bacteriën in onze darm tot hun beschikking hebben.

Vooral voedingsvezels zijn interessant.

Bepaalde darmbacteriën kunnen vezels fermenteren tot korteketenvetzuren zoals butyraat, propionaat en acetaat. Zoals eerder besproken kunnen deze stoffen de darmbarrière, stofwisseling en immuunregulatie beïnvloeden.

Voedingspatronen rijk aan onder andere:

  • groente;
  • fruit;
  • peulvruchten;
  • volkoren granen;
  • noten en zaden;

leveren een grote variatie aan vezels en plantaardige stoffen.

Onderzoek laat duidelijk zien dat voedingspatronen het darmmicrobioom kunnen veranderen. Ook mediterrane, plantaardige en vezelrijke voedingspatronen worden in dit verband veel onderzocht.

Maar hier moeten we opnieuw oppassen met de vertaalslag naar de huid.

Dat:

voeding → darmmicrobioom

beïnvloedt, betekent nog niet automatisch dat:

voeding → darmmicrobioom → verbetering huidziekte

klinisch bewezen is.

Voeding kan de huid namelijk ook via andere routes beïnvloeden. Bij acne hebben we bijvoorbeeld eerder gezien dat glycemische belasting invloed kan hebben op insuline en IGF-1. Daarvoor is meer klinisch bewijs dan voor de hypothese dat voeding acne verbetert doordat het darmmicrobioom verandert.

Lees ook: Acne en insuline: wat is de rol van IGF-1, mTORC1 en voeding?

Ook andere leefstijlfactoren kunnen het microbioom en het immuunsysteem beïnvloeden, waaronder beweging, slaap, alcoholgebruik, roken en stress. Dat betekent echter niet dat iedere invloed van leefstijl op de huid via het darmmicrobioom verloopt.

Wat kun je zelf doen voor een gezonde darm-huid-as?

Hier past eigenlijk enige terughoudendheid bij de term ‘gezonde darm-huid-as’. We beschikken namelijk niet over een test waarmee we kunnen vaststellen dat iemands darm-huid-as optimaal functioneert.

Er zijn wél algemene maatregelen die goed onderbouwd zijn voor de darm- en metabole gezondheid en tegelijkertijd passen bij een gezond voedingspatroon.

Kies bijvoorbeeld voor een gevarieerd, grotendeels onbewerkt voedingspatroon met voldoende plantaardige voedingsmiddelen en verschillende bronnen van voedingsvezels.

Daarbij is variatie waarschijnlijk zinvoller dan obsessief proberen één specifieke ‘goede darmbacterie’ te verhogen.

Verder is het verstandig om:

  • voldoende te bewegen;
  • niet te roken;
  • overmatig alcoholgebruik te vermijden;
  • slaap serieus te nemen;
  • antibiotica alleen te gebruiken wanneer daar een medische indicatie voor bestaat.

Wat je juist niet standaard hoeft te doen bij huidklachten, is misschien minstens zo belangrijk:

geen uitgebreide eliminatiediëten zonder duidelijke reden, geen ontlastingstest puur omdat je acne of eczeem hebt en niet automatisch probiotica gebruiken omdat je ‘darmflora hersteld moet worden’.

Heb je naast huidproblemen duidelijke darmklachten, dan kan daar natuurlijk wél een reden voor verder onderzoek liggen.

Wat betekent dit vanuit kPNI-perspectief?

De huid-darm-as past goed binnen het systeemdenken van de klinische psycho-neuro-immunologie.

De huid functioneert niet volledig los van de darm, net zoals de darm niet losstaat van het immuunsysteem, de stofwisseling en het zenuwstelsel.

Een mogelijk netwerk ziet er bijvoorbeeld zo uit:

voeding → darmmicrobioom → microbiële metabolieten → darmbarrière → immuunregulatie → huid

Tegelijkertijd bestaan er andere routes:

voeding → glucose/insuline → IGF-1 → huid

of:

genetische aanleg → huidbarrière → lokale immuunactivatie → eczeem

Een systeemgerichte benadering betekent daarom juist dat we niet iedere huidziekte vanuit de darm proberen te verklaren.

Bij iemand met acne kan glycemische belasting relevanter zijn dan het darmmicrobioom. Bij atopisch eczeem kunnen huidbarrière en genetische aanleg belangrijker zijn. En bij psoriasis moet de systemische inflammatoire component worden meegenomen.

De meerwaarde van een kPNI-perspectief zit daarmee niet in de stelling dat ‘alles in de darm begint’, maar in de vraag:

welke systemen zijn bij deze persoon waarschijnlijk met elkaar verbonden en voor welke verbindingen bestaat voldoende wetenschappelijke onderbouwing om er iets mee te doen?

Lees ook: Wat is klinische psycho-neuro-immunologie (kPNI)?

Lees ook: Laaggradige ontsteking: wat is het en waarom speelt het een rol bij chronische ziekten?

Samenvatting

De huid-darm-as beschrijft de mogelijke tweerichtingscommunicatie tussen darm en huid.

Daarbij kunnen het darmmicrobioom, de darmbarrière, het immuunsysteem en microbiële metabolieten een rol spelen. Er bestaan goede biologische redenen waarom processen in de darm gevolgen kunnen hebben buiten de darm.

Bij atopisch eczeem, acne en psoriasis worden inderdaad verschillen in het darmmicrobioom gevonden. Maar dergelijke verschillen bewijzen niet dat het darmmicrobioom de ziekte heeft veroorzaakt.

Ook voor probiotica ontstaat steeds meer klinisch onderzoek. Vooral bij atopisch eczeem zijn er aanwijzingen voor gunstige effecten, terwijl ook bij acne en psoriasis interessante resultaten worden gevonden. De grote verschillen tussen bacteriestammen, patiënten en onderzoeken maken een algemene aanbeveling voorlopig echter niet gerechtvaardigd.

Voeding heeft aantoonbaar invloed op het darmmicrobioom. Of de invloed van voeding op huidziekten daadwerkelijk via het microbioom verloopt, is veel moeilijker vast te stellen.

De belangrijkste boodschap is daarom:

de darm kan de huid beïnvloeden, maar een huidprobleem is niet automatisch een darmprobleem.

Veelgestelde vragen

Kan een slechte darmflora eczeem veroorzaken?

Dat is niet aangetoond. Bij mensen met atopisch eczeem worden veranderingen in het darmmicrobioom gevonden en er bestaan plausibele mechanismen waardoor het microbioom de immuunontwikkeling kan beïnvloeden. Eczeem ontstaat echter door een samenspel van onder andere genetische aanleg, huidbarrière, immuunregulatie en omgevingsfactoren.

Lees ook: Atopic march: waarom eczeem, voedselallergie en astma vaak samen voorkomen

Bestaat een lekkende darm echt?

Verhoogde darmpermeabiliteit bestaat. De doorlaatbaarheid van de darmwand kan bij bepaalde aandoeningen veranderen.

Dat is echter niet hetzelfde als het populaire concept waarin een ‘leaky gut’ als algemene oorzaak van vermoeidheid, huidproblemen en allerlei andere klachten wordt gebruikt. Voor zo'n brede verklaring bestaat onvoldoende bewijs.

Heeft een ontlastingstest zin bij acne of eczeem?

Niet standaard.

Commerciële microbioomtests kunnen verschillende bacteriën in ontlasting meten, maar we beschikken momenteel niet over één vastgesteld ‘gezond microbioomprofiel’ waarmee de oorzaak van acne of eczeem kan worden vastgesteld.

Een huidziekte alleen is daarom geen reden om routinematig een commerciële ontlastingstest te doen.

Moet je probiotica gebruiken bij eczeem?

Niet automatisch. Meta-analyses laten gemiddeld enkele gunstige effecten zien, maar resultaten verschillen sterk per bacteriestam, leeftijd en onderzoek.

Een willekeurig probioticum kopen omdat ‘probiotica goed zijn bij eczeem’ gaat dus verder dan het huidige bewijs.

Kunnen probiotica helpen tegen acne?

Mogelijk bij sommige mensen, maar het bewijs is nog onvoldoende sterk voor een algemene aanbeveling. Recente meta-analyses vinden wisselende resultaten en benadrukken de beperkte en heterogene bewijsbasis.

Moet je gluten of zuivel vermijden voor een gezonde huid-darm-as?

Niet zonder goede reden.

Er is geen wetenschappelijke basis om iedereen met huidklachten standaard gluten- of zuivelvrij te laten eten. Bij een vastgestelde aandoening of duidelijke individuele reactie kan dat anders liggen.

Zijn vezels goed voor het darmmicrobioom?

Veel soorten voedingsvezels worden door darmbacteriën gebruikt en kunnen worden omgezet in onder andere korteketenvetzuren. Voedingspatronen rijk aan verschillende plantaardige voedingsmiddelen hebben aantoonbaar invloed op de samenstelling en functie van het darmmicrobioom.

Daaruit volgt echter niet dat extra vezels automatisch een bepaalde huidziekte behandelen.

Kun je je darmmicrobioom ‘herstellen’?

Dat begrip is eigenlijk te simpel. Er bestaat niet één ideale darmflora die we bij iedereen kunnen ‘terugzetten’.

Het darmmicrobioom is een dynamisch ecosysteem dat wordt beïnvloed door voeding, geneesmiddelen, leeftijd, omgeving en vele andere factoren. Een gevarieerd voedingspatroon en gezonde leefstijl zijn daarom beter onderbouwde uitgangspunten dan proberen één perfecte microbiële samenstelling te bereiken.

Persoonlijk advies

Heb je huidklachten én regelmatig darmklachten? Dan kan het zinvol zijn om breder te kijken dan alleen naar de huid. Denk bijvoorbeeld aan voeding, stoelgang, medicatiegebruik, slaap, stress en andere factoren die zowel het maag-darmstelsel als het immuunsysteem kunnen beïnvloeden.

Dat betekent niet dat iedere huidklacht vanuit de darmen behandeld moet worden. Een commerciële microbioomtest, probioticum of streng eliminatiedieet is niet standaard nodig bij acne, eczeem of psoriasis. De wetenschap ondersteunt zo'n algemene aanpak op dit moment onvoldoende. Recente systematische reviews laten wel zien dat microbiële interventies bij sommige huidaandoeningen veelbelovend zijn, maar de verschillen tussen studies, bacteriestammen en patiënten zijn groot.

Binnen de klinische psycho-neuro-immunologie kijk ik daarom naar de samenhang tussen huid, darm, immuunsysteem, stofwisseling en leefstijl, maar steeds vanuit de vraag welke verbanden in jouw situatie daadwerkelijk aannemelijk en beïnvloedbaar zijn.

Wil je weten welke factoren mogelijk bijdragen aan jouw huidklachten? Tijdens een vrijblijvend kennismakingsgesprek kunnen we bespreken of een kPNI-traject passend is.

Bronnen

De Pessemier B, Grine L, Debaere M, Maes A, Paetzold B, Callewaert C. Gut-Skin Axis: Current Knowledge of the Interrelationship between Microbial Dysbiosis and Skin Conditions. Microorganisms. 2021 Feb 11;9(2):353. doi: 10.3390/microorganisms9020353. PMID: 33670115; PMCID: PMC7916842.

Mahmud MR, Akter S, Tamanna SK, Mazumder L, Esti IZ, Banerjee S, Akter S, Hasan MR, Acharjee M, Hossain MS, Pirttilä AM. Impact of gut microbiome on skin health: gut-skin axis observed through the lenses of therapeutics and skin diseases. Gut Microbes. 2022 Jan-Dec;14(1):2096995. doi: 10.1080/19490976.2022.2096995. PMID: 35866234; PMCID: PMC9311318.

Rios-Carlos M, Cervantes-García D, Córdova-Dávalos LE, Bermúdez-Humarán LG, Salinas E. Unraveling the gut-skin axis in atopic dermatitis: exploiting insights for therapeutic strategies. Gut Microbes. 2024 Jan-Dec;16(1):2430420. doi: 10.1080/19490976.2024.2430420. Epub 2024 Nov 27. PMID: 39601281; PMCID: PMC11610564.

Salem I, Ramser A, Isham N, Ghannoum MA. The Gut Microbiome as a Major Regulator of the Gut-Skin Axis. Front Microbiol. 2018 Jul 10;9:1459. doi: 10.3389/fmicb.2018.01459. PMID: 30042740; PMCID: PMC6048199.

Sánchez-Pellicer P, Navarro-Moratalla L, Núñez-Delegido E, Ruzafa-Costas B, Agüera-Santos J, Navarro-López V. Acne, Microbiome, and Probiotics: The Gut-Skin Axis. Microorganisms. 2022 Jun 27;10(7):1303. doi: 10.3390/microorganisms10071303. PMID: 35889022; PMCID: PMC9318165.

Umborowati MA, Damayanti D, Anggraeni S, Endaryanto A, Surono IS, Effendy I, Prakoeswa CRS. The role of probiotics in the treatment of adult atopic dermatitis: a meta-analysis of randomized controlled trials. J Health Popul Nutr. 2022 Aug 17;41(1):37. doi: 10.1186/s41043-022-00318-6. PMID: 35978397; PMCID: PMC9386980.

Yoon JH, Do JS, Velankanni P, Lee CG, Kwon HK. Gut Microbial Metabolites on Host Immune Responses in Health and Disease. Immune Netw. 2023 Feb 24;23(1):e6. doi: 10.4110/in.2023.23.e6. PMID: 36911800; PMCID: PMC9995988. 

Zou X, Zou X, Gao L, Zhao H. Gut microbiota and psoriasis: pathogenesis, targeted therapy, and future directions. Front Cell Infect Microbiol. 2024 Aug 7;14:1430586. doi: 10.3389/fcimb.2024.1430586. PMID: 39170985; PMCID: PMC11335719.

Zhu Y, Xu F, Chen H, Zheng Q. The efficacy and safety of probiotics in the adjuvant treatment of psoriasis: a systematic review and meta-analysis of randomized controlled trials. Front Med (Lausanne). 2024 Sep 6;11:1448626. doi: 10.3389/fmed.2024.1448626. PMID: 39328313; PMCID: PMC11426359.

Wei K, Liao X, Yang T, He X, Yang D, Lai L, Lang J, Xiao M, Wang J. Efficacy of probiotic supplementation in the treatment of psoriasis-A systematic review and meta-analysis. J Cosmet Dermatol. 2024 Jul;23(7):2361-2367. doi: 10.1111/jocd.16299. Epub 2024 Mar 29. PMID: 38551321.

Julanon N, Unhapipatpong C, Wongjirattikarn R, Anutraungkool T, Chaowattanapanit S, Choonhakarn C, Sawanyawisuth K, Shantavasinkul PC, Zouboulis CC, Piguet V. Role of Probiotics in Managing Acne Vulgaris: A Systematic Review and Meta-Analysis of Clinical Trials. J Cutan Med Surg. 2026 May 19:12034754261445880. doi: 10.1177/12034754261445880. Epub ahead of print. PMID: 42153538.

Liscano Y, Muñoz Morales D, Suarez Daza F, Vidal Cañas S, Martinez Guevara D, Artunduaga Cañas E. Microbial Interventions for Inflammatory Skin Diseases: A Systematic Review and Meta-Analysis of Atopic Dermatitis and Psoriasis. Microorganisms. 2025 Oct 22;13(11):2416. doi: 10.3390/microorganisms13112416. PMID: 41304102; PMCID: PMC12654813.

Gepubliceerd: augustus 20, 2026
Wordt periodiek geüpdatet op basis van van actuele richtlijnen en wetenschappelijke literatuur.

Laatst bijgewerkt: 21 augustus 2026

Vincent van der Heiden

Over de auteur

Vincent van der Heiden is klinisch psycho-neuro-immunoloog (kPNI). Binnen kPNI Geneeskunde schrijft hij over chronische aandoeningen en de biologische mechanismen en risicofactoren die daarbij een rol kunnen spelen. Daarbij kijkt hij naar de samenhang tussen onder andere het immuunsysteem, metabolisme, zenuwstelsel, hormonen en leefstijl. De artikelen zijn gebaseerd op actuele wetenschappelijke literatuur, waarbij onderscheid wordt gemaakt tussen wetenschappelijke consensus en kPNI-specifieke verklaringsmodellen.